'Vrije vogels' en 'Rare vogels'.

 

 

Over vogels valt ontzettend veel te vertellen. Over vogelliefde, huizen bouwen, over hun veren, snavels en pootjes. Over hun zorg voor de kleintjes en niet te vergeten hun gezang om te imponeren of om hun territorium aan de geven. Een paar van die vogelgeheimen worden op deze pagina beschreven. Maar als je vogels echt wilt leren kennen,dan kun je beter een wandeling in het bos maken. Er valt nog zo veel te ontdekken.

 

   
 

 

DE RAFELS HANGEN ERBIJ
Veel uilen hebben langs de vliegveren een fluweelachtige rafelrand. Deze dempt het geluid van hun wiekende vleugels. Zo worden de uilen tijdens het vliegen niet gehinderd bij het luisteren naar waar precies de prooi zich bevindt.
 

PAS OP, VAL NIET VAN JE STOKJE
Zangvogels hebben tenen die twijgen, riet en grashalmen kunnen omklemmen. Elk pootje heeft drie naar voren wijzende tenen en één die naar achteren wijst. Zelfs in hun slaap verslapt de omklemming niet. Wanneer ze zich opmaken om te gaan slapen, laten ze zich iets door hun pootjes zakken. Door deze buiging trekken de pezen in hun poten samen en krommen de tenen zich. Ze gaan als het ware op slot en zitten muurvast om de vogelzitplaats heen.


 

EEN VEELZEGGEND UILENKNIPOOGJE
Een uil kan alleen het bovenste ooglid bewegen. Daardoor kan hij zelfs aan het eind van een boek de indruk wekken dat hij knipoogt om al dat nieuwsgierige gedoe van de mens. Die er toch nooit achterkomt hoe alles nu precies in elkaar zit in de natuur.
Uilenogen zijn niet rond maar trechtervormig, waarbij het breedste gedeelte diep in de kop ligt. Door deze vorm kunnen de ogen niet ronddraaien in de oogkassen. Om in het rond te kunnen kijken moeten uilen hun kop daarom ronddraaien. Ze kunnen hun kop meer dan 180 graden draaien om over hun schouders te kijken.
                                               


VOGELTJES-IDOLS OF... HOE VERSIER JE DAT LEKKERE DING

Waarom zingen vogels.
De reden dat vogels zingen is het binden van een partner; vocaal flirten dus. Zo moet de prachtige en zeer luide nachtegaalzang zijn ontstaan: nachtegaalmannen komen een week eerder dan de vrouwen aan op de broedplaatsen en beginnen luidkeels een territorium te claimen. Dag en nacht proberen ze vervolgens een vrouwtje te lokken.


De zanger met het meeste volume en uithoudingsvermogen heeft de grootste kans dat hij door een vrouwtje wordt uitverkoren om voor nageslacht te zorgen. Bij de meeste vogels dient hetzelfde zangtype beide doelen, maar er zijn ook vogels met een afzonderlijke territoriumzang en een aparte liefdeszang, bedoeld voor het vrouwtje. Dit laatste type is vaak een fluisterzang: een zeer zachte zang, die vaak alleen in de paartijd en vlak in de buurt van het wijfje wordt voortgebracht.



 

Buiten paartijd zingen vogels niet, maar roepen ze slechts. De geluiden die ze dan voortbrengen zijn simpel, maar er zijn er wel veel van. Ze zijn bedoeld om andere vogels te waarschuwen voor gevaren (alarmroep) of om tijdens de trek contact te houden en de groep niet uit elkaar te laten vallen. Verder uiten jonge vogels piep- of krijsgeluiden, vooral om hun ouders te laten horen dat ze honger hebben.


IEDER VOGELTJE ZINGT ZOALS HET GEBEKT IS

De spotvogel drijft de pot met andere vogels en kan bijna alle Nederlandse vogels imiteren. Hij redt het zelfs om een echte vogelaar te misleiden. De nachtegaal heeft de zang tot een ware kunstvorm, en een belangrijk communicatiemiddel ontwikkeld.
De koekoek roept zijn eigen naam. Hij doet dit met gesloten snavel, zowel wanneer hij stil zit als wanneer hij vliegt. Bij de koekoek is het vaak een eentonige roep.
Vinken zingen luidkeels vanuit struiken.
Winterkoninkjes hebben een rollende zang;
Het roodborstje heeft een ingewikkelde zang alsof het over haar eigen nootjes struikelt.
 


 

HOOR... WIE KLOPT DAAR????
De specht heeft een lange spitse snavel waarmee hij een gat in de bast van de boom kan hakken. Ze voeden zich met insectenlarven, mieren en spinnen.
Hun tong is lang en kleverig. Tot ver in de omtrek hoor je het geroffel van de spechten. Hij maakt dat trommelgeluid om hiermee zijn territorium aan te geven.
 

SNAVELTJES IN ALLE SOORTEN EN MATEN
De snavel van een vogel vertelt veel over de leefwijze. Zo hebben zaadeters een kegelvormige snavel, roof- en stortvogels een haakvormige snavel, Vogels met fijne snavels hebben zich gespecialiseerd in het vangen van kleine insecten op blaadjes en vogels die hun eten in de grond of in het water zoeken een lange snavel.

De toekan heeft een hele grote snavel, maar wel een met heel weinig gewicht zodat ze haar prooi op het uiteinde van de tak ook te pakken kan krijgen zonder topzwaar te worden.
Eenden hebben een zeefsnavel om het voedsel uit het water te kunnen filteren
De boomkruiper vangt met zijn kromme snavel spinnen, keverlarven en vliegjes uit de bast van een boom.
Vogels met fijne snavels hebben zich gespecialiseerd in het vangen van kleine insecten op blaadje (bijv. Tjiftjaf)
De grote bonte specht heeft een stevige snavel om gaten te hakken in dode en kwijnende bomen om daar voedsel uit te halen.


 

ALLERLEI SOORTEN VEERTJES, ....MAAR WAT MOET JE ER NOU MEE?
De veren van een vogel zijn in 4 verschillende soorten onder te verdelen.
De eerste soort is dons, en deze wijkt ook meteen het meest af van de andere drie. Dons isoleert en stoot water af.
De tweede soort is dekveren, deze geven de vogel stroomlijning en houden ook nog warmte vast.
De slagpennen zijn de derde soort en geven lift en stuwkracht, zodat de vogel kan vliegen.
De laatste soort is staartpennen. Deze veren zorgen dat de vogel kan sturen, geven lift en stabiliteit.
De vogel gebruikt ze verder om te remmen. Ook deze veren zijn dus zeer belangrijk om te vliegen.

 

 

 

 

......... en soms hè,dan heb je van die dagen, dat je haar gewoon niet wil zitten.